DelReY

Bernard Proot

°1954

Van opleiding bakker, patissier en chocolatier aan Ter Groene Poorte in Brugge
Hij doet zijn eerste ervaring op in de bakkerij van zijn ouders in zijn geboortestad Oostende en verdiept zich verder in de patisserie bij Wittamer in Brussel en Lenôtre in Parijs.
Samen met zijn echtgenote Anne neemt hij DelRey over in 1983.Hij voelde zich altijd goed in Antwerpen: “Net zoals het uitzicht op de Mercator me thuis doet voelen in Oostende, heb ik datzelfde gevoel wanneer ik de Bolivartunnel doorrijd.”
Als zaakvoerder neemt hij elke finale beslissing na overleg met het team. Hij bakt en boetseert nog steeds mee in het atelier.

Anne Seutin

°1961

Ze leert alle kneepjes van het patisserie-vak van haar man Bernard.
Ook haar ouders zijn ondernemers en hadden naast een cosmeticazaak ook een eigen bakkerij in Heist-op-den-Berg waar Bernard een tijdje werkt en Anne en Bernard elkaar leren kennen
Nadat ze samen met Bernard DelRey overneemt, krijgt het koppel vier kinderen: Stéphanie (°1982), Emilie (°1984), Jan (°1985) en Julie (°1987)Anne is verantwoordelijk voor de winkel, de verkoop en de tearoom.

Jan Proot

DelReY

°1985

Hij helpt al vanaf zijn 12 jaar mee in het atelier. Bij een slecht rapport, moest hij aan de afwas staan.

Jan volgt eerst een opleiding marketing voordat hij van Bernard dan toch in 2009 mag starten als patissier bij DelRey. Intussen loopt hij ook stage en doet hij verschillende werkervaringen bij collega-patissiers. Bij DelReY heeft hij met Gunther van Essche de beste leermeester. Gunther zorgt voor prachtige creaties én is winnaar van de wereldbeker patisserie.

Jan is binnen ons atelier verantwoordelijk voor alles van chocolade, gebak, cake en zoute bereidingen.

Julie Proot

°1987

Zij helpt net zoals haar broer ook al van kindsbeen af mee in de zaak.

Julie wil dolgraag werken bij DelRey, maar moet van haar ouders eerst een diploma behalen en elders werkervaring opdoen.

Ze start uiteindelijk in 2015 op het bureau als allround medewerker. Ze onderhoudt onder meer klantenrelaties, verzorgt de communicatie; volgt de boekhouding, leveringen en personeel op; is de contactpersoon voor de verkoop in Japan en de webshop, etc.

DelReY

Ons team

Maar bovenal is DelReY teamwork. Zonder ons 20-koppig team
zouden we vandaag niet staan waar we staan. En mocht dat cliché klinken, dan is
dat gewoon omdat het waar is. Elk van hen heeft zijn of haar talent en
expertise
die we bij DelReY graag volop tot uiting en ontwikkeling laten komen.
We zijn op elk van hen trots dat ze mee deel willen uitmaken van de
voortdrijvende kracht achter ons familiemerk.

Momenteel denken Bernard en Anne nog lang niet aan hun pensioen. Dat lijkt hen de absolute hel, want hun job doen ze nog veel te graag. Ze staan allebei niet graag op een podium omdat hen dat onwennig maakt, maar fier zijn ze wel. Op wat ze doen en op hoe blij ze hun klanten maken. 
Het bezorgt Anne een immens plezier om klanten terug te zien keren naar de winkel. Bernard maak je dan weer blij met een opgeruimd atelier: “Pas als alles aan de kant is, ben ik content.”

Intussen is de zoete microbe ook overgeslagen op de twee jongste kinderen: Jan en Julie. Gelukkig voor Anne: “Ik zou het verschrikkelijk vinden mocht onze zaak in vreemde handen komen. Het is een beetje mijn 5de kind, ik verdedig het even fel. Dan zou ik liever in schoonheid stoppen.”

Maar dat is niet aan de orde. Jan creëert even graag als zijn vader en doet niets liever dan mensen blij maken met gebakjes en chocolade

Het fijne aan een familiebedrijf is dat er heel nauw en met veel liefde gewerkt wordt aan een gezamenlijk doel. Hierdoor staan we ook dichter bij onze klant, waardoor we elk obstakel op een minimum van tijd proberen op te lossen. Iedereen kan ook ongelooflijk goed met elkaar overweg en doet er alles aan om een goed team te vormen. Maar af en toe durft het natuurlijk al eens te kletteren. Tussen Bernard en dochter Julie dan vooral. “We zijn een beetje hetzelfde”, lacht Bernard daarover. “We zeggen altijd wat we willen zeggen en dat geeft soms al eens lawaai.” Maar daar is Julie het dan weer niet helemaal mee eens: “Wij maken toch nooit ruzie? Wij praten gewoon luid.”

Die jovialiteit voelt ook het team aan. Op de werkvloer worden Bernard en Anne dan wel aangesproken met meneer en mevrouw, eens buiten wordt iedereen bij de voornaam genoemd. “Laat meneer maar vallen. Ik drink niet graag een pint met iemand die dat tegen me zegt”, knipoogt Bernard.